interview uit de Nieuwsbrief van de Vereniging Vrienden van het Beatrixpark, voorjaar 2002
Hoofdtuinman Edwin den Haan werkt al tien jaar in het Beatrixpark”Scholieren zijn de grootste plaag van het park”
![]()
“Het wordt steeds drukker in het Beatrixpark”, zegt Edwin den Haan. En daar is hij trots op, want hij is hoofdtuinman van het park en voor veel vaste bezoekers een bekend gezicht. Voor Den Haan is het vooral ‘zijn’ park. Misschien ziet hij het zelfs een beetje als zijn levenswerk. De afgelopen tien jaar heeft hij er week in week uit gewerkt en als het aan hem ligt blijft hij dat nog heel lang doen. “Het park wordt alleen maar mooier,” vindt hij.
“Over een jaar of tien verwacht ik dat er veel veranderd is in het park” vertelt de hoofdtuinman. Het is middagpauze en hij zit in de houten keet van Groenvoorzieningen aan de rand van het park. Aan de ene kant van het gebouwtje is alles groen en ruikt het al een beetje naar voorjaar. Aan de andere kant, wat kunnen dingen toch tegenstrijdig zijn, de imposante torens van de steeds verder oprukkende Zuidas.
“Er is trouwens de afgelopen tien jaar al een hoop veranderd. Ik heb het park helaas net niet in de oude staat gezien, voordat het stuk er voor de uitbreiding van de RAI werd afgehaald. Toen ik hier kwam was dat deel van het park net met de grond gelijk gemaakt, het was één grote modderpoel. Ik vind het nieuwe stuk dat bij het park is gekomen wel erg mooi. Dat is echt heel bijzonder hoor, zo’n ecologisch stuk grond waar de natuur haar gang kan gaan, midden in de stad. Ik zou zo gauw niet weten waar je dat op andere plaatsen nog tegenkomt. De verschillende soorten planten zijn prachtig, al vind ik het jammer dat de flora daar zo vertrapt wordt door loslopende honden. In het begin hebben er wel bordjes gestaan met ‘verboden voor honden’ maar die waren binnen een week verdwenen. Daarna kwamen er bordjes met ‘honden aan de lijn’ maar die waren ook zó weg.” Zelf houdt Den Haan het meest van het oude gedeelte van het park, het dichtbegroeide deel langs de Cornelis Dopperkade en de Bernard Zweerskade.Attracties
Over nog eens tien jaar ziet het park er waarschijnlijk weer heel anders uit, verwacht hij. “Grote kans dat de derde afslag van de A10 ondergronds wordt aangelegd en dat daar de sportvelden op komen, zodat park en sportvelden langs de Zuidas in elkaar overvloeien. Er is ook een stel oude bomen vervangen en misschien komen er door de toegenomen drukte ook wel wat attracties bij. Niet zoals het Amstelpark met een treintje of een terrein waar kinderen kunnen ponyrijden. Dat past niet bij het karakter van het Beatrixpark. Misschien komt er wel wat anders. Maar de kwaliteit van het park gaat er honderd procent op vooruit.”
Leuk vindt Den Haan het dat er de laatste tijd steeds meer bezoekers in het park komen. “Want daar doe je het uiteindelijk voor.” Hij merkt het verschil de laatste jaren duidelijk. Veel uit de omringende buurten De Pijp, Rivierenbuurt en Zuid, maar ook steeds meer mensen die in de grote betonnen kantoorkolossen aan de rand van het park werken, maken tussen de middag regelmatig een ommetje door het park. En bezoekers van de RAI, met name deelnemers van congressen e.d., hebben het park gevonden om even een frisse neus te halen.
Voor vaste bezoekers van het park is Edwin den Haan een vertrouwd gezocht geworden, maar omgekeerd geldt dat net zo goed. Den Haan heeft veel van zijn ‘vaste klanten’ leren kennen. Een praatje met ze maken, daar houdt hij wel van. “Al zijn er ook een paar die hun hoofd omdraaien als ze me zien aankomen; praten met een tuinman is ze te min. Als ze iets kwijt willen over het park zoeken ze het liever hogerop, willen ze meteen met een bestuurder van de stadsdeelraad spreken. Ik wil hier verder niet moeilijk over doen,” zegt hij. “Want de meeste mensen die ik in het park tegenkom zijn wel aardig. Al erger ik me wel groen en geel aan de overlast die scholieren het park bezorgen. Scholieren zijn de grootste plaag van het park. Je wilt niet weten wat die allemaal vernielen.”Slopen
“Bij het eendenvijvertje hebben we pas een nieuw hek moeten plaatsen omdat ze het vorige hek kapot hadden gemaakt. Ze gooien overal rotzooi neer en meer prullenbakken in het park is echt geen oplossing want die slopen ze net zo snel. Bijna elke week maken ze er wel een paar kapot. We zijn al blij als de prullenbakken twee weken heel blijven, maar meestal lukt dat niet. En waarschuwen heeft helemaal geen zin, want je kan toch niets tegen ze doen en dat weten ze. Dat ze de boel stuk maken is vervelend, maar ik word helemaal boos als ze de dieren uit het park pesten, ze gooien bijvoorbeeld stenen naar de eenden. Als je er wat van zegt krijg je een grote mond terug. “Wil je soms een paar klappen?” krijg je dan als antwoord.”
Zwervers zijn een ander probleem waar de tuinmannen in het park een hoop mee te stellen hebben. Ook deze winter waren er weer een paar die hun tenten in het park hadden opgeslagen. Het is nog niet zo eenvoudig om die mensen het park uit te krijgen. In februari moesten tuinmannen, reiniging en de politie er aan te pas komen om twee zwervers uit het park te zetten. Den Haan; “Op zich vind ik het nog niet eens zo erg als er een zwerver in het park rondloopt, zolang ze andere mensen maar niet lastig vallen. Meestal gebeurt dat ook niet, hoewel er van de week één was die met een samoeraizwaard liep rond te zwaaien. Mijn grootste bezwaar is dat ze er zo’n ontzettende rotzooi van maken. Ze beginnen met een klein tentje en ze verzamelen er steeds meer troep bij. De zwerver die met zijn bungalowtent een tijdje voor de Apollohal heeft gebivakkeerd, heeft zich daarna in het park gevestigd. Nou, daar hoef je niet blij mee te zijn. Toen we zijn nederzetting hier hadden weggehaald kwamen er zeker honderd ratten tevoorschijn.”Honden
Maar de meeste mensen gedragen zich gelukkig wél goed in het park. Sinds een klein jaar is daar overigens meer toezicht op, omdat de beveiligingsmensen in uniform van het Amstelpark dagelijks, ook in het weekeinde, een rondje maken door het Beatrixpark. Zij hebben ook de bevoegdheid om te bekeuren. Al kan je met beveiligingsbeambten in het park ook een hoop ellende níet voorkomen, constateert Den Haan. Het hondenveld middenin het park wordt bijvoorbeeld zo intensief gebruikt dat het voor tuinmannen steeds moeilijker wordt om het veld mooi te houden.
“Het begon ooit met een paar hondjes en het werd ineens een stuk drukker toen ze op het veld een standbeeld van een hond hadden gezet. Toen hadden de mensen zeker helemaal het idee dat het veld vooral voor honden was bestemd. Het werden er van lieverlede steeds meer en tegenwoordig komen er zelfs dagelijks hondenuitlaatservices met busjes vol honden tegelijk. Die beesten graven diepe kuilen in het grasveld die wij dan weer kunnen gaan aanstampen.”
“En wat te denken van die goedbedoelende parkbezoeker die elke dag balen vis bij de eendenvijver stort? Die kan je geen boete geven. Maar door die enorme hoeveelheden vis komen er zoveel reigers dat het bijna een plaag begint te worden. En het gevolg is dat je komend voorjaar waarschijnlijk vrijwel geen jonge eendjes meer in de vijver zult zien omdat de reigers ze allemaal hebben opgegeten.”Hek om park
Misschien zou het wel een idee zijn om rond sommige kwetsbare delen van het park een hek te zetten, veronderstelt Den Haan. “Niet om het hele park, zoals in het Amstelpark. Want het Beatrixpark moet wel goed en vrij toegankelijk zijn. Maar er zijn bepaalde stukken, zoals de eendenvijver, één van de drukstbezochte plekken van het park, die misschien wel wat extra bescherming nodig hebben.”
Edwin den Haan houdt van het park (“anders was ik toch allang weggegaan?”) en maakt er op zijn vrije zondag met net zo veel plezier een wandelingetje met zijn kinderen. Als het aan hem ligt zou hij wat meer belangstelling van bezoekers op prijs stellen. “Ik weet dat er een vereniging “Vrienden van het Beatrixpark” bestaat, maar ik heb ze hier in de keet nog nooit gezien. Wat mij betreft zijn ze van harte welkom om eens een kijkje te komen nemen. En ook andere belangstellenden kunnen hier bij ons terecht. Ik hoor wel eens de klacht van mensen dat de deelraad nooit te bereiken is als ze wat over het park willen vragen. Dan bellen ze naar het stadsdeelkantoor omdat ze beslist een hoofdopzichter of wethouder willen spreken. Maar ze kunnen hier elke dag gewoon binnenlopen in onze keet, het hoeft niet allemaal over zoveel schijven te gaan want uiteindelijk komt hun vraag toch bij ons terecht.”“We zitten hier met vijf tuinmannen die zich vooral bezighouden met het Beatrixpark en we redden ons best. Ik was daarom ook behoorlijk in mijn wiek geschoten toen ik in de vorige nieuwsbrief van de Vereniging Vrienden van het Beatrixpark las dat Herman Wals beweerde dat een groot deel van het werk in het park wordt gedaan door aannemers en mensen van buitenaf. Natuurlijk huren we mensen in voor specialistisch werk, zoals bijvoorbeeld bouwklussen of het onderhoud van het badje (dat overigens het schoonste openbare speelbadje van Amsterdam is omdat het dagelijks wordt ververst). Maar veruit de meeste dingen doen we hier zelf met onze eigen ploeg.”
Katinka Bartels
De werkkeet van Groenvoorzieningen bevindt zich aan de Prinses Irenestraat 21d, naast het St. Nicolaas Lyceum en de kapel.
Het telefoonnummer is 644 9656 en de tuinmannen zijn op werkdagen in principe telefonisch bereikbaar tussen 09.30 en 10.00 uur en 12.30 en 13.00 uur.